De Wadstruner

‘Het water dat opkomt en weer wegtrekt, de stroming die verandert, een zandplaat die zichtbaar wordt, het licht dat telkens anders valt. Zie ik bruinvissen? Zeehonden? Voortdurend die dynamiek, die veranderingen. Ik ben verslaafd aan het wad. En die passie wil ik mijn gasten meegeven.’ Aan het woord is Anton Lergner, eigenaar van het schip Wadstruner. Samen met zijn vrouw vaart hij zo’n 300 keer per jaar uit om mensen het wad te laten ervaren.

  • Tochten over het Lauwersmeer en de Waddenzee
  • Van rondvaarten tot overnachtingen
  • Bijvoorbeeld zeehonden kijken of wadlopen

‘Ons concept is de eenvoud. Mensen laten zien, horen en voelen dat we zo’n prachtig natuurgebied dicht bij huis hebben. De schoonheid ligt letterlijk aan je voeten. Laatst vroeg een kind tijdens een schoolreisje waarom die schelp een gaatje had. Wanneer de meevarende gids dan vertelt dat-ie aangevallen is door een zeester, zijn die kinderen helemaal verrukt. Zeker toen hij even later ook nog een zeester kon aanwijzen. Genieten in combinatie met educatie; dat vind ik geweldig. We geven ze ook altijd twee tassen mee op het wad. Eentje voor de schelpjes en eentje voor het afval dat ze tegenkomen.’ 

"Ons concept is de eenvoud: geniet van de schoonheid die aan je voeten ligt."

Eenvoud zie je ook terug op de boot. ‘Een lesboot die ik ooit kocht van de zeevaartschool in Rotterdam. Er is geen bediening: koffie en thee kunnen mensen zelf pakken. En wil je een biertje? Haal maar op, het potje voor het geld staat naast de koelkast. We varen alleen met kleine groepen. We willen het persoonlijk houden. Ik heb regelmatig de boswachter uit Lauwersoog aan boord. Die kan prachtig vertellen en wijst je op bijzondere vogels. Mijn favoriete plek? Het rif net boven Engelsmanplaat. De golven slaan daar kraters in een zandplaat. Als die droogvalt, is het net een maanlandschap. Magisch.’

De samenwerking met het zeehondencentrum Pieterburen is uniek. ‘Ze houden me op de hoogte wanneer er weer opgeknapte zeehonden vrijgelaten worden in zee. Dan varen we erheen met ons gezelschap. Het zijn onvergetelijke ervaringen voor onze gasten. Ook dan komt het goed uit dat we met niet al te veel mensen zijn. Je moet natuurlijk niet met 200 man om zo’n zeehondje staan dat verbaasd uit zijn transportkist komt kruipen.’

Anton en zijn vrouw maken van alles mee. Geen dag is gelijk. Niet op het wad, niet aan boord. ‘De ene dag heb ik een feestje op de boot, de volgende dag een asverstrooiing. Dat is vaak heel bijzonder. Laatst verstrooiden we de as van een zeeman. Voor de officiële handeling zette ik de motor uit. Maar de weduwe vroeg om die weer aan te doen. Haar man was altijd machinist geweest en werd zenuwachtig van uitvallende motoren. Op het moment dat de as te water ging, landden er meeuwen op de lampen die ik aan boord heb. Ik voer een rondje en liet drie keer de scheepstoeter schallen. De vogels bleven gewoon zitten, terwijl ze normaal al opvliegen wanneer je even in je handen klapt. Pas toen de vrouw aan wal stapte, vlogen ze weg. Het was haar ook opgevallen. En ze kende de legende: meeuwen zouden de geesten van overleden zeemannen zijn.’